Metro van Parijs
De metro van Parijs is het belangrijkste middel van openbaar vervoer in de Franse hoofdstad en vierde in 2000 zijn honderdjarige bestaan. De Parijse metro wordt geëxploiteerd door de RATP, heeft 16 lijnen en vormt een netwerk met een lengte van 213 kilometer en 297 stations. Hij rijdt van een uur of vijf 's morgens tot één uur 's nachts.

Gebruik
Alle lijnen hebben een kleur en een nummer en staan op een plattegrond die zowel op papier verkrijgbaar is als op borden in elk metrostation in Parijs hangt. De lijnen van de RER (het regionaal expresnet) kunnen ook met een metrokaartje worden gebruikt. De metro is een ideaal vervoermiddel om snel door Parijs te reizen.
De verschillende lijnen rijden allemaal over eigen sporen; er is dus geen enkel perron dat door meer dan één lijn gebruikt wordt. Bij het overstappen moet men altijd door de gangen van het metrostation naar een ander perron lopen.
Overstappunten ("correspondances") zijn die metrostations die aangeduid worden met een open rondje 'o' op de plattegrond. Daar kan men overstappen op een andere lijn.
Er zijn losse kaartjes te koop, en verder carnets met tien kaartjes, toeristische dagpassen (Mobilis), en meerdaagse passen Paris Visite. In de stationshal gaat een toegangspoortje alleen open indien een geldig toegangsbewijs wordt ongevoerd; bij de RER is het invoeren van het kaartje ook nodig bij de uitgangen.
Met een kaartje kan men zolang onder de grond reizen en zovaak overstappen als men wil (binnen een zone), maar zodra men het systeem verlaat en daarna weer wil instappen, moet men weer een nieuw kaartje gebruiken.
Parijzenaars zelf reizen veelal met een Carte Orange voor een week (coupon hebdomadaire) of een maand (coupon mensuel) of met een Carte Navigo. Voor deze abonnementen is een pasfoto nodig.
Bekende stations
De metrostations worden aangegeven door het bord 'Metropolitain' in groene art nouveau-letters (zie afbeelding), een rode lantaarn met in het wit het woord 'Métro' of een grote gele 'M' in een cirkel en zijn overal gemakkelijk te vinden. De uitgang wordt aangegeven met blauwe borden met het woord 'sortie', overstappers volgen de oranje borden met het woord 'correspondance'.
De bekendste Parijse metrostations zijn die waar men uitstapt voor de belangrijkste bezienswaardigdheden van Parijs zoals:
- Anvers (voor de Sacré-Coeur)
- Hôtel de Ville (voor Hôtel de Ville)
- Champ de Mars (metrostation)-Tour Eiffel (metrostation) (RER) (Eiffeltoren)
- Invalides (voor Hôtel des Invalides)
- Pigalle / Blanche (voor Moulin Rouge)
- Charles de Gaulle-Étoile (metrostation)Charles de Gaulle-Étoile (Onder de Arc de Triomphe)
- Palais Royal - Musée du Louvre (voor het Palais Royal en het Louvre)
- Saint-Michel-Notre-Dame (RER)
- Havre-Caumartin (voor de grote warenhuizen rond Boulevard Haussmann)
De afstand tussen twee stations is met gemiddeld 580 meter veel kleiner dan bij de meeste andere metrosteden.
Geschiedenis
Op 19 juli 1900 werd lijn 1 geopend tussen Porte Maillot en Porte de Vincennes. Deze lijn was gebouwd door de Compagnie du Chemin de Fer Métropolitain de Paris (CMP). In 1910 werd de Société du Chemin de Fer Electrique Nord-Sud de Paris (Nord-Sud) opgericht die de lijnen A en B bouwde (de huidige lijnen 12 en 13). In 1930 werd Nord-Sud overgenomen door de CMP. In 1948 werd deze onderneming overgenomen door de overheid en kreeg de naam RATP (Régie Autonome des Transports Parisiens).
In 1956 is de metro op rubberbanden geïntroduceerd. Op 5 van de 16 lijnen rijden in 2004 metrostellen op luchtbanden.
In 1998 opende Parijs metrolijn 14, volautomatisch, zonder bestuurder. Deze treinen kunnen rijden met de uitzonderlijk hoge frequentie van elke 85 seconden, zijn 90 m lang en hebben elk een capaciteit van bijna 800 passagiers. Lijn 14 vervoert thans snel en comfortabel 240.000 passagiers per dag. Bijna 200 miljoen reizigers hebben al zonder problemen gereden met lijn 14.
Lijnenkaart
Lijst van metrolijnen
| Nr. | Opmerking | Kleur | Route | Openingsjaar | Lengte (km) | Aantal stations |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | bandenmetro sinds 1964 | geel | La Défense - Grande Arche ↔ Château de Vincennes | 1900 | 16,5 | 25 |
| 2 | 2 Nord tot 14 oktober 1907 | blauw | Porte Dauphine ↔ Nation | 1900 | 12 | 25 |
| 3 | olijfgroen | Pont de Levallois - Bécon ↔ Gallieni | 1904 | 12 | 25 | |
| 3bis | afgescheiden van lijn 3 op 2 april 1971 | lichtblauw | Porte des Lilas ↔ Gambetta | 1921 | 1,3 | 4 |
| 4 | bandenmetro sinds 1967 | paars | Porte de Clignancourt ↔ Porte d'Orléans | 1908 | 10,5 | 26 |
| 5 | oranje | Bobigny - Pablo Picasso ↔ Place d'Italie | 1906 | 14,5 | 22 | |
| 6 | 2 Sud tot 14 oktober 1907; bandenmetro sinds 1974 | mintgroen | Charles de Gaulle - Étoile ↔ Nation | 1900 | 13,5 | 28 |
| 7 | roze | La Courneuve - 8 Mai 1945 ↔ Villejuif - Louis Aragon en Mairie d'Ivry | 1910 | 22,5 | 38 | |
| 7bis | afgescheiden van lijn 7 op 3 december 1967 | mintgroen | Louis Blanc - Pré Saint-Gervais | 1911 | 3 | 8 |
| 8 | lila | Balard ↔ Créteil - Préfecture | 1913 | 22 | 37 | |
| 9 | groen | Pont de Sèvres ↔ Mairie de Montreuil | 1922 | 20 | 37 | |
| 10 | oker | Boulogne - Pont de Saint-Cloud ↔ Gare d'Austerlitz | 1913 | 12 | 23 | |
| 11 | bandenmetro sinds 8 november 1956 | bruin | Châtelet ↔ Mairie des Lilas | 1935 | 6,5 | 13 |
| 12 | Nord-Sud A tot 1930 | donkergroen | Porte de la Chapelle ↔ Mairie d'Issy | 1910 | 14 | 28 |
| 13 | Nord-Sud B tot 1930 | lichtblauw | Gabriel Péri - Asnières - Gennevilliers en Saint-Denis - Université ↔ Châtillon - Montrouge | 1911 | 21 | 30 |
| 14 | bandenmetro, volautomatische exploitatie | paars | Saint-Lazare ↔ Olympiades | 1998 | 11 | 9 |















Unknown
Unknown
Unknown Bot
